#onderwijs2032

Sinds najaar 2014 heeft de staatssecretaris onderwijs aan Nederland de vraag gesteld: “Wat moeten kinderen leren opdat ze in 2032 goed voorbereid het onderwijssysteem verlaten?”

Huidige kleuters studeren in 2032 af. Banen veranderen zo snel dat niet duidelijk is welke banen in 2032 zullen zijn. Omdat we dat niet weten dient de inhoud van het onderwijs herzien te worden opdat de kleuters in 2032 met de juiste bagage afstuderen.

Hoewel de tijdspanne de gehele onderwijsloopbaan betreft concentreert de staatssecretaris zich op het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Po en vo leiden echter niet op voor een beroep. Geen enkele po- of vo-leraar is bezig is met het toekomstige beroep dat de leerling gaat uitoefenen. Misschien tijdens de laatste jaren van het havo of vwo, en dan in het kader van de keuze van vervolgopleiding. De vraag om aanpassing van het onderwijs op de toekomstige arbeidsmarkt dient daarom niet bij het primair of voortgezet onderwijs neergelegd te worden maar bij het het beroepsonderwijs (mbo/hbo) en de universiteiten. Zij leiden hun studenten direct op voor de arbeidsmarkt en zijn wettelijk verplicht hierop aan te sluiten. Zij kunnen het beste overzien wat gaande is op de arbeidsmarkt en passen direct het curriculum daarop aan.

Dat de arbeidsmarktkwestie bij de verkeerde onderwijssector wordt neergelegd is jammer, en zal achteraf leiden tot een ‘gemiste kans.’ Sowieso is de tijdspanne die door beroepsopleidingen overzien wordt beperkter, maximaal 4 jaar, waardoor het minder koffiedik kijken wordt. 2032 is wel erg ver weg….

Indien de arbeidsmarktvraag bij de mbo’s , hbo’s en de universiteiten wordt neergelegd, wordt het voor het voorbereidende onderwijs (po, havo en vwo) concreter. Het voortgezet onderwijs bereidt leerlingen voor op hun vervolgopleidingen bij universiteit of hbo. Als dat goed gebeurt, dan kunnen vervolgopleidingen zorgen voor goede aansluiting op de arbeidsmarkt. De vraag aan het vo en po moet dus niet zijn: “Wat moeten kinderen leren opdat zij in 2032 goed voorbereid zijn voor de arbeidsmarkt?”, maar “Wat moeten kinderen leren opdat zij zijn voorbereid op de maatschappij en de beroepsopleiding?”

Ten slotte, het antwoord op de vraag wat kinderen moeten kunnen of kennen in 2032 bestaat uit heel erg veel ideeën, zoals programmeren, 21st century skills en creativiteit.
Ik zou de vraag ook willen omdraaien: Als we een onderwerp niét meer onderwijzen, hoe erg is dat voor ons nalatenschap?

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *