Zelfstandig lerende student?

Sommige lessen hebben ‘huiswerk’ in de trant van:

Bestudeer literatuur over het onderwerp en formuleer vragen naar aanleiding van onduidelijkheden. Mail die vragen naar de docent waarna ze besproken worden in de les.

Ik krijg zelden mails met vragen. Ook bij aanvang van de les blijkt geen enkele student een vraag te hebben. Hebben ze het onderwerp niet bestudeerd? Jawel. Is alles echt duidelijk? Jazeker. Zijn de studenten zo goed dat ze alles begrijpen? Is de literatuur echt zo helder? Blijkbaar….

Deze vorm van huiswerk komt voort uit de gedachte dat studenten zelfstandig lerend zijn. Ze formuleren leervragen en leerdoelen, en reflecteren op wat ze geleerd hebben. Als ze niet alle vragen hebben kunnen opzoeken dan dienen ze die te stellen aan een docent. En toch zitten ze in mijn les zonder vragen. Wat is er aan de hand? Is alles op te zoeken of is het idee van de zelfsturende student onjuist?

Zover wil ik niet gaan, maar ik denk wel dat er een aantal redenen zijn dat de zelfsturende student niet zo zelfsturend is als gewenst.

Ten eerste kan pas iets zinnigs over een onderwerp gezegd worden, indien het onderwerp gekend wordt. Om een onderwerp als doel te kunnen formuleren dient het gekend te worden, en dat ontbreekt nu juist bij een student. En als iemand een leerdoel formuleert over een onderwerp dat hij al kent, dan hoeft het ook niet meer geleerd te worden.

Nu kunnen we heus zeggen “ik wil naar Texel” zonder daar ooit geweest te zijn, en dan op reis te gaan. Maar het doel is gebaseerd op een beeld van Texel en niet Texel zelf. Dus is het raadzaam de reis ernaar te plannen op basis van adviezen en kennis van anderen. Is het te fietsen? Vast wel, maar of dat verstandig is…

Om over de maan nog maar niet te spreken.

Ten tweede denk ik dat studenten te beschouwen als zelfsturend, zelflerend en -construerend niet helemaal netjes is. De huidige beschaving heeft er duizenden jaren over gedaan om te komen tot waar ze nu is. Nobelprijzen zijn gegeven aan wetenschappers die bovenmenselijke gedachtesprongen hebben gemaakt. Verwachten we dat studenten die sprongen ook even maken op een vrijdagmiddag? Nee toch? Tenzij we van ze verwachten dat ze als Darwin, Mendelev, Newton of Bohr zijn, moet nieuwe kennis ze verteld en uitgelegd worden. Dat kan met een boeken of youtube-video’s, maar met media is geen gesprek te voeren.

Terug naar mijn les. Er zijn geen vragen en ze weten blijkbaar alles al. Waar ben ik dan voor nodig? Meestal dreig ik meteen weer weg te lopen. Hoewel… nadat ikzelf eerst even een eenvoudige vraag heb gesteld, om zeker te zijn dat iedereen het onderwerp beheerst. Bij een les atoombouw bijvoorbeeld vraag ik waarom negatief geladen elektronen niet direct naar de positief geladen kern ‘vallen’ in plaats van op een afstand van de kern blijven. Of bij een les bloedstromingsleer de vraag  of de bloeddruk in een vaatvernauwing nu lager of hoger is, en waarom.

Allemaal vragen die ze hebben gelezen, maar niet kunnen beantwoorden. Dat is gek. Blijkbaar hebben ze toch enkele foutieve concepten onthouden als waarheid en zijn ze niet in staat te bedenken dat die eens niet zou kunnen kloppen.

Dan kunnen de lessen toch nog heel leuk worden als ik met vragen het ‘geleerde’ ter discussie stel, en ik misconcepties kan wegnemen.

 

Posted in Uncategorized | Tagged | 1 Comment

Onderwijskwaliteit, wat is dat?

“De onderwijskwaliteit moet beter”, je hoeft de krant maar open te slaan en er is een beleidsmaker of politicus die het beweert. Het spijt me, maar ik moet bekennen dat ik niet weet wat er met  ‘onderwijskwaliteit’ bedoeld wordt. Als ik ernaar vraag krijg ik antwoorden als ‘rendement’, ‘leerwinst’, of men blijft angstvallig stil.

Het is een vreemd ding: kwaliteit. Want ondertussen heeft iedereen een beeld ervan en meent te weten wat het is.

Een vriend van me die geluidstechniek als hobby heeft beweert bij hoog en laag dat digitale opnamen als CD van mindere kwaliteit zijn dan analoge. Het beste is een buizenversterker met gouden contacten. Als ik zijn muziek beluister hoor ik het verschil niet, terwijl hij zich niet kan voorstellen dat ik naar simpele mp3-tjes luister. Op basis van mijn kennis over signaaltheorie meen ik dat een digitaal signaal, mits goed gesampled niet te onderscheiden is van een analoog signaal en het dus niet zou moeten uitmaken. Als ondeskundige denk ik dus dat het verschil in kwaliteit meetbaar is, maar kenners horen blijkbaar anders en meer.

Evenzo gebruiken sommige fotografen nog steeds film. Daarmee zijn kwalitatief betere foto’s te maken, beweren ze. Ik zie het verschil niet en vind het oude techniek, gepruts in donkere kamers. Mijn idee van kwaliteit komt niet overeen met die van een fotograaf. Tenzij hij begint te vertellen over zijn werk, over korrelgrootte, kleur en contrast en resolutie, dan zie ik het ook. Meer weten is beter zien.

We gebruiken dezelfde woorden waardoor we denken elkaars wereld menen te kennen. Toch is de kwaliteit van onderwijs die ik zie een andere dan wat beleidsmakers en politici zien.

Wat is onderwijskwaliteit? Zeg het maar….

 

Posted in Uncategorized | Leave a comment